Online uitgaven

Column: Doel heiligt de middelen

Auteur: Gert-Jan van Kesteren

In de Europese levensmiddelenwetgeving is al geruime tijd een ontwikkeling te bespeuren van een veelheid aan concrete en gedetailleerde voorschriftjes naar meer globale doelcriteria op het gebied van hygiënische inrichting, uitrusting en werkwijze. Voor vleesproducenten zijn bijvoorbeeld de eisen verdwenen met betrekking tot de exacte hoogte tot waartoe een wandoppervlak glad moet zijn of de eis dat zo’n wand licht van kleur moet zijn. Omdat vloeroppervlakken niet langer per se spekglad moeten zijn, hoeven medewerkers ook geen angst meer te hebben hun nek te breken.

Minder middelvoorschriften en méér doelvoorschriften dus. Zo ontstaat er voor voedselproducenten meer ruimte om aan de wet te voldoen op een wijze die rekening houdt met de concrete, specifieke omstandigheden van het bedrijf. Een goede zaak, zou ik denken. Om van deze ruimere wettelijke mogelijkheden optimaal gebruik te kunnen maken, dient wel aan bepaalde voorwaarden voldaan te zijn.
Zo moeten de controlerende nVWA-ambtenaren de omslag van het domweg afvinken van gedetailleerde checklisten waarna het systeem automatisch een resultaat genereert, naar een eigen inhoudelijke beoordeling kúnnen en vooral mógen maken. Dat geldt overigens evenzeer voor de auditors van private normen als bijvooreeld Dutch HACCP, BRC, IFS en ISO-22000.
Beide typen auditors zijn professionals, c.q. behoren dat te zijn. Investeer dus in de permanente ontwikkeling van deze mensen. Maar geef ze vooral de ruimte en sluit ze niet op in bureaucratische protocollen, normbladen, computerregistraties en andere dwangbuizen. Geloof me, al die protocollen, instructies en dergelijke leiden alleen maar tot schijnobjectiviteit en schijnzekerheid.
Wanneer zowel de auditors van de nVWA als die van certificerende instellingen op gewenste wijze gaan werken, zal het wederzijds begrip en vertrouwen toenemen en komt erkenning van elkaars competenties en bevindingen dichterbij. Met als gevolg een vermindering van regeldruk en een nVWA die zich kan richten op de risico’s die er werkelijk toe doen.
Laten managers van de overheid en certificerende instellingen nou eens vertrouwen hebben in deze professionals in plaats van alleen maar oog voor mogelijke (rechts)ongelijkheid en andere vermeende risico’s. Ik ben ervan overtuigd dat de auditors hierdoor opbloeien met als direct gevolg dat de kwaliteit van hun werk toeneemt. En dat is precies wat nodig is om de omslag van middel- naar doelvoorschriften effectief te kunnen maken.

Dan staan de letters ‘VWA’ terecht voor de door deze organisatie graag gebezigde alternatieve afkorting ‘Vertrouwen, Waardering en Aandacht’ en krijgt het VWA-adagium  ‘Handhaven met verstand en gevoel’ pas écht inhoud.

Gert-Jan van Kesteren is management consultant bij Condor Consultancy: gert-jan@meat-co.nl



 
Trefwoordenlijst voor meer informatie