'Waarborg gelijk speelveld in EU en bescherm voedselzekerheid'

Woensdag 08 april 2026
De Nederlandse pluimveesector staat onder toenemende druk door geopolitieke spanningen, stijgende kosten en oneerlijke concurrentie vanuit derde landen. Dat stelde NEPLUVI-voorzitter Gert-Jan Oplaat begin april tijdens de Algemene Ledenvergadering. De brancheorganisatie doet een dringend beroep op het nieuwe kabinet om te kiezen voor een sterke, toekomstbestendige voedselproductie. “Stop met nationale koppen op Europees beleid, waarborg een gelijk speelveld binnen de EU en bescherm voedselzekerheid als strategisch belang.”
“De wereld is fundamenteel veranderd,” aldus Oplaat. “Conflicten, geopolitieke verschuivingen en economische onzekerheid benadrukken direct het belang van de pluimveesector. Voedselproductie is geen vanzelfsprekendheid meer, maar een strategische noodzaak.”
Importdruk uit derde landen
De Nederlandse en Europese pluimveesector ondervinden toenemende concurrentie van landen met lagere standaarden op het gebied van dierenwelzijn, milieu en voedselveiligheid. Zo nemen de importen uit landen als China en Oekraïne met grote hoeveelheden toe. Daarbovenop komen ook nog eens de importen uit de Mercosur-landen. “Wij produceren volgens de hoogste standaarden ter wereld, maar moeten concurreren met producten die daar niet aan voldoen,” zegt Oplaat. “Dat is onhoudbaar en ondermijnt onze voedselzekerheid.”
Ook de mogelijke toetreding van Oekraïne tot de EU vraagt volgens NEPLUVI om zorgvuldige afwegingen en vindt zij momenteel niet opportuun. De sector pleit er in zijn algemeenheid voor pluimvee te erkennen als een ‘gevoelige sector’ om verstoring van de Europese markt te voorkomen.
Volgens NEPLUVI maakt dit het voor Nederlandse producenten straks vrijwel onmogelijk om te concurreren met andere Europese landen, zoals Duitsland en Polen, waar deze extra lasten niet gelden. Tegelijkertijd heeft de maatregel grote gevolgen voor de zelfvoorzieningsgraad: die zou dalen van 114% naar circa 60%. “Dit soort nationale maatregelen ondermijnt niet alleen het gelijke speelveld in Europa, maar brengt ook onze voedselzekerheid in gevaar,” aldus Gert-Jan Oplaat. “Als we onze eigen productie afbouwen, worden we steeds afhankelijker van import uit landen met lagere standaarden.”
“De wereld is fundamenteel veranderd,” aldus Oplaat. “Conflicten, geopolitieke verschuivingen en economische onzekerheid benadrukken direct het belang van de pluimveesector. Voedselproductie is geen vanzelfsprekendheid meer, maar een strategische noodzaak.”
Importdruk uit derde landen
De Nederlandse en Europese pluimveesector ondervinden toenemende concurrentie van landen met lagere standaarden op het gebied van dierenwelzijn, milieu en voedselveiligheid. Zo nemen de importen uit landen als China en Oekraïne met grote hoeveelheden toe. Daarbovenop komen ook nog eens de importen uit de Mercosur-landen. “Wij produceren volgens de hoogste standaarden ter wereld, maar moeten concurreren met producten die daar niet aan voldoen,” zegt Oplaat. “Dat is onhoudbaar en ondermijnt onze voedselzekerheid.”
Ook de mogelijke toetreding van Oekraïne tot de EU vraagt volgens NEPLUVI om zorgvuldige afwegingen en vindt zij momenteel niet opportuun. De sector pleit er in zijn algemeenheid voor pluimvee te erkennen als een ‘gevoelige sector’ om verstoring van de Europese markt te voorkomen.
Volgens NEPLUVI maakt dit het voor Nederlandse producenten straks vrijwel onmogelijk om te concurreren met andere Europese landen, zoals Duitsland en Polen, waar deze extra lasten niet gelden. Tegelijkertijd heeft de maatregel grote gevolgen voor de zelfvoorzieningsgraad: die zou dalen van 114% naar circa 60%. “Dit soort nationale maatregelen ondermijnt niet alleen het gelijke speelveld in Europa, maar brengt ook onze voedselzekerheid in gevaar,” aldus Gert-Jan Oplaat. “Als we onze eigen productie afbouwen, worden we steeds afhankelijker van import uit landen met lagere standaarden.”

